
Spelen als een kind met het bewustzijn van een volwassene
Als er een omweg naar geluk zou zijn, zou er ook een short-cut naar geluk moeten zijn. Maar als die korte route er is, waarom kiezen we dan steevast voor die omweg? We blijven ons laten beïnvloeden door de omgeving, in positieve en negatieve zin. En we laten prikkels ons gemoed bepalen.
Flikkerende kaarsen in mijn rechter oog leiden me af. Take me to Church blijft maar herhalend spelen op Spotify. Waar gaat dit liedje eigenlijk over? Ik denk aan een vriendin die net Spotify heeft, zou ze ervan genieten? Ik zie de charme van losse zinnen, flarden van gedachten, het gewone leven waarbij we ons laten leiden door wat onze zintuigen oppikken, onze gedachten die meanderen door ons hoofd en de stress van de dingen die we nog moeten doen in de toekomst. De omweg naar geluk. Is er een short-cut? Nee, je moet er helemaal doorheen. Door al die lagen die je zelf hebt gecreëerd om je hart te beschermen. Naar buiten was leuk als kind, tot je erachter kwam dat niet iedereen op dat brutale gedrag van je zat te wachten. Stoeien tijdens het eten gaf plezier, en de witte bank bespringen met je buitenschoenen nog meer. Totdat je moeder zei dat het genoeg was. Dan maar een laagje eromheen, stel je voor dat je je moeder zou teleurstellen. En zo werden de invloeden van buiten, de stemmen van je ouders, je opvoeders, je leraren, waarheden die je steeds verder afhielden van je hart, je ware natuur. Zelf opgebouwd, maar uit overleving. En buiten kwam niet meer zo binnen. Alleen binnen kon ook niet meer naar buiten, je hart kon zich niet meer laten horen, niet meer voor de buitenwereld en erger nog, niet meer naar jezelf. Je bent gaan geloven in je zelf gecreëerde identiteit. En dat voelt eenzaam. Buiten blijft buiten maar binnen wil naar buiten. Maar het weet niet hoe. En intussen blijf je wanhopig zoeken naar een ander ‘buiten’. Nog meer volgers, nog meer posten, nieuwe uitdagingen aangaan, een nieuwe liefde, kleren, allemaal in de hoop dat dat nieuwe buiten wel past bij je binnen. En het werkt even, maar de leegte blijft. We draaien rondjes om onze eigen as, verleggen onze focus van de ene vorm naar de andere vorm, maar we blijven buiten zoeken om ons van binnen te vervullen.
En dan, op een bepaald moment, komt het besef dat er ook nog een binnen is dat zichzelf wellicht kan versterken zodat de energie van binnenuit gaat komen. Langzaam zie je de ringen van bescherming die je zo zorgvuldig hebt opgebouwd, en kun je openingen vinden. Je ziet dat je van binnen kunt bepalen hoe je met buiten omgaat en wat buiten mag binnenkomen en wat niet. Het hart, de ware natuur, is sterker aan het worden. En je bent niet meer bang voor de afwijzing want je beseft dat de ring van bescherming een opening heeft. Je realiseert je dat met vuile schoenen de witte bank vies maken niet betekent dat je niet meer mag spelen. En je realiseert je dat je niet meer afhankelijk hoeft te zijn van die ring, die waarheid die je hebt geloofd. En wanneer je je dat realiseert, hoef je in dat buiten ook niet meer de bevestiging van je bestaan te halen. Je hoeft niet constant het bewijs te hebben dat je een goede manager bent, een bewuste moeder, een briljante professional, een aangepast persoon. Buiten is nu het speelveld en niet meer de arena van concurrenten, bedreigingen, de survival of the fittest, de keuringsmarkt. De omweg naar geluk van binnen naar buiten en van buiten naar binnen en van binnen naar buiten. Spelen als een kind met het bewustzijn van een volwassene. Ringen bouwen en weer afbreken, jassen aantrekken en weer uitdoen. Soms zitten ze te strak en doet het zeer om ze af te doen. Maar het wordt warmer en je hebt geen jas meer nodig. Het vuur komt van binnenuit. Vertel je verhaal maar, keer op keer, blijf maar geloven dat buiten je iets moet bieden. Tot je het zelf niet meer gelooft. Totdat jij weet dat de ring te krap wordt, de jas te klein. Het ego kan alleen bestreden worden door het ego zelf. Vallen en opstaan. Herkennen, accepteren, verbinden en toepassen. Grace. Verzoenen met jezelf. Met alle lagen die je hebt nodig gehad. Blijven spelen en blijven beleven en blijven vertrouwen. Tot je ze niet meer nodig had. Je hoeft niet meer bang te zijn dat iets zeer doet, dat je gekwetst wordt, dat je afgewezen wordt. Je hebt het overleefd. Je hoeft je ook niet meer te verheugen op iets leuks in de toekomst, want het is nu al goed. Ook dat heb je niet meer nodig. En dat is ook afscheid nemen van een mooie jas die je heel veel warmte gaf. Je krijgt de short-cut naar geluk door. Afscheid van de beklemmende veiligheid voel je als bevrijding maar het is ook rouwen. Want hoe je je voorheen kon verheugen op iets in de toekomst, is er nu alleen maar kalmte, tevredenheid in het hier en nu. Het afscheid nemen van de angst is rouwen voor het ego, maar het afscheid nemen van het verheugen is ook rouwen voor het ego. Ook het hechten aan het ‘goede’ is niet meer nodig. Je hoeft niet meer de supervrouw te zijn. Je mag gewoon zijn. De ringen om je heen worden hoepels waarmee je danst en huppelt. En soms leg je ze weg en pak je een andere hoepel, speel je een andere rol. En soms geef je jezelf rust, en mogen alle hoepels aan de kant. En hoef je alleen maar te zijn. Je bent autonoom.
Silvia van der Cammen



